2026, “dit wordt mijn jaar”
Je kent het vast wel. Een nieuw jaar begint en je voelt het: dit wordt mijn jaar.
Je maakt plannen, stelt doelen en gaat vol motivatie van start. De eerste weken – soms zelfs maanden – zit je goed in je energie en lijkt alles mogelijk.
En dan… zakt het weg.
Goede voornemens verdwijnen naar de achtergrond en oude patronen sluipen er langzaam weer in.
Maar waarom gebeurt dit zo vaak?
En belangrijker nog: hoe zorg je ervoor dat je dit jaar wél dichter bij jezelf en je doelen komt?
1. Kleinere doelen, meer resultaat
Misschien wel de tip met de meeste impact: maak je doelen kleiner.
Stel, je wilt fitter worden. Dan is het verleidelijk om meteen te besluiten drie keer per week naar de sportschool te gaan.
Of je wilt meer tijd met familie doorbrengen en neemt je voor om elke dag een halfuur met je moeder te bellen.
Prachtige intenties. En toch merk je vaak dat ze lastig vol te houden zijn. Het leven komt ertussen, je energie wisselt en voor je het weet val je terug in oude gewoontes.
Wat helpt?
Niet minder ambitie, maar kleinere stappen.
Begin bijvoorbeeld met één keer per week sporten. Of start met één of twee wandelingen per week.
Juist door klein te beginnen, vergroot je de kans dat het een nieuwe gewoonte wordt – iets wat past in jouw leven.
2. Eerst plannen, dan handelen
Het voelt goed om direct in actie te komen zodra je weet wat je wilt. En vaak gaat dat ook een tijdje goed.
Totdat er iets tussenkomt. Drukte, vermoeidheid, andere prioriteiten.
Wat dan helpt, is vooraf stilstaan bij hoe je je doel wilt bereiken.
Wanneer ga je eraan werken?
Op welke dagen en tijden?
Wat doe je als het even niet lukt?
Door dit vooraf te bepalen, haal je de twijfel en het uitstel eruit. Je hoeft niet telkens opnieuw te beslissen – je volgt simpelweg het plan dat je al voor jezelf hebt gemaakt.
3. Doe het samen
“Dit jaar ga ik drie keer per week hardlopen.”
Samen gaat het vaak een stuk makkelijker. Iemand die met je meeloopt, meedenkt of je aanmoedigt, kan net dat extra zetje geven op momenten dat je motivatie wat lager is.
Tegelijk is het belangrijk dat het jouw doel blijft.
Dat je het doet omdat jij dit wilt, niet alleen omdat de ander meegaat.
Want wat gebeurt er als die ander een week overslaat, of besluit te stoppen?
Dan wil je nog steeds kunnen voelen: dit is van mij, hier ga ik voor.
Samen kan steunend zijn, verbindend zelfs.
Maar de beweging begint altijd bij jou.
4. Minder doelen, meer focus
We willen vaak veel tegelijk: gezonder leven, meer rust, meer tijd voor anderen, meer balans, meer energie.
Maar hoe meer doelen je stelt, hoe groter de kans dat ze elkaar in de weg zitten.
Kies liever één doel dat nu écht belangrijk voor je is.
Eén richting om aandacht aan te geven.
Het is veel krachtiger om één doel te behalen, dan vier doelen te starten en geen ervan echt te leven.
5. Het hoeft niet altijd goed te gaan.
Misschien wel de belangrijkste tip van allemaal: falen hoort erbij.
Niemand behaalt een doel zonder een keer te struikelen.
Het verschil zit niet in het niet-falen, maar in hoe je ermee omgaat.
Zie een terugval niet als mislukking, maar als informatie.
Wat ging er anders dan verwacht?
Wat heb je nodig om weer verder te gaan?
Zodra je falen ziet als een leermoment, wordt het een kracht in plaats van een blokkade.
En nu?
Misschien voel je dat je wel weet wat je wilt, maar niet precies hoe je daar komt.
Of merk je dat je steeds vastloopt op dezelfde punten.
Wandelen helpt om letterlijk en figuurlijk in beweging te komen.
Tijdens een coaching-sessie is er ruimte om stil te staan, helderheid te krijgen en stappen te zetten die écht bij jou passen.
Wil je ontdekken hoe jij van 2026 jouw jaar maakt – op een manier die vol te houden is?
Dan loop ik graag een stukje met je mee. 🌿
Liefs,
Michael Doeksen
Wandelwijs Coaching


Plaats een reactie